De Zwitserse filosoof Charles Bonnet beschrijft reeds in de tweede helft van de 18e. eeuw het verschijnsel dat naar hem genoemd is. Het bestaat uit visuele halucinaties en doet zich toch wel vaak voor bij mensen met een ernstige slechtziendheid, in casu een retina degeneratie in een vergevorderd stadium. Deze mensen zijn verder psychisch volkomen normaal. Er behoeft dus absoluut geen sprake van een geestesziekte te zijn, hoewel dat niet uitgesloten is.
De halucinaties betreffen het waarnemen van zaken, mensen en dieren die er niet zijn. Retinapatienten zienvaak ook lichtflitsen en vuurballen. Deze waarnemingen betreffen concrete verschijnselen die er wel zijn en vallen daarom niet onder het CBS.
Een regelmaat in het optreden van de halucinaties is er niet, zo heb je het een paar keer achter elkaar en dan duurt het weer tijden voordat het passeert. Het verschijnsel kan met medicijnen goed onderdrukt worden. Vanwege de bijverschijnselen is dat niet aan te raden. De meeste mensen kunnen er goed mee leven.